Erfgoed Kempen en CAG onderzoeken historische hoeves in tien gemeenten

ESSEN – In samenwerking met het Centrum voor Agrarische Geschiedenis (CAG) onderzocht Erfgoed Voorkempen de historische hoeves in Essen, Kalmthout, Wuustwezel, Kapellen, Brasschaat, Brecht, Schilde, Zoersel, Malle en Ranst.

Onderzoek naar de geschiedenis van Kempische hoeves was – tot voor kort – schaars. Resultaten van de bevragingen, literatuurstudie en veldwerk zijn nu samengebald in een uitvoerig rapport: ‘Vakwerk/Netwerk. Een toekomst voor hoeves uit de Kempen’.

Het beeld van het boerenerf met traditionele hoevegebouwen, bakhuisje en waterput in een uitgestrekt landbouwlandschap is onlosmakelijk verbonden met de landelijke identiteit van de Kempen. Net zoals die landelijke identiteit, staat dit agrarisch erfgoed onder druk. Hoeve-gebouwen verliezen hun erfgoedwaarde door verval, ingrijpende renovaties of afbraak. Deze vaststelling, samen met het ontbreken van een netwerk voor hoeve-eigenaars en vaklui gaven aanleiding tot nader onderzoek.

Door het gebrek aan documentatie werden bestaande inventarissen van gemeenten, lokale heemkundige kringen, landelijke gilden en hoeveliefhebbers, verzameld en aangevuld met literatuuronderzoek.

Arme Kempische zandgronden zorgden ervoor dat de meeste boeren het moesten rooien met kleine opbrengsten. Mest en vee vervulden een centrale rol. De langgevelhoeve, een langgerekt gebouw met woonhuis en stallen voor vee onder hetzelfde dak was lang de meest efficiënte hoevevorm in de streek.

Hoewel typisch voor de streek zijn veel langgevelhoeves in de loop der jaren afgebroken. Deze hoeves zijn kleiner, minder imposant en vaak ook minder goed beschermd als monument of vastgesteld op de inventaris. Daarom zijn er in verhouding op dit moment veel rijkere en eigenlijk atypische hoevetypes te zien in de Voorkempen. Denk dan aan hoeves met een grote dwarsschuur en andere losse onderdelen die bij een kasteeldomein of klooster behoorden.

Op dit moment is de verbouwing van een historische hoeve nog te vaak trial and error. Zonder heldere leidraad en gedegen kennis en kunde over de unieke historische gebouwen, moeten hoevebewoners dikwijls grote toegevingen doen. In zekere zin brengt dit het hoeve-erfgoed in gevaar. Grootste slachtoffers zijn de bijgebouwen, die niet prioritair zijn en waarbij de drempel voor een dure renovatie groter is. Deze en andere bevindingen staan in het overzichtsrapport.

In een volgende fase van het project verwerkt Erfgoed Voorkempen de resultaten van het onderzoek tot concrete handvaten en ondersteuning voor eigenaars bij het onderhoud en herstel van hun historische hoeve.

Het project Vakwerk/Netwerk vindt plaats met de steun van LEADER, het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland. (EM – Op de foto: Kiekenhoeve in Essen – cc Erfgoed Voorkempen)